NaNoWriMo: het Overlevingsverhaal van Emma Holtrust

NaNoWriMo: het Overlevingsverhaal van Emma Holtrust

Als onderdeel van mijn NaNoWriMo Survivalpakket laat ik een aantal schrijvers en bloggers aan het woord die NaNoWriMo overleefd hebben. Zij hebben dus al eens, of soms vaker, 50.000 woorden in 30 dagen geschreven. Boekblogger en YA-schrijfster Emma Holtrust (24) deed in 2012 mee, terwijl ze een zware studie volgde. Ik ken Emma van de uni en lees nu met veel plezier haar blog The Beauty of Literature.

emmaholtrustHet schrijven van dit gastartikel doet me denken aan mijn NaNo-ervaring – staren naar een leeg scherm, iets geestigs bedenken om mee te beginnen. Want als het begin niet perfect is, is het al niet meer te redden, toch?

En net als met NaNo, moet ik me over mijn twijfels heen zetten en gewoon beginnen met schrijven. Want ik bereid me nergens op voor, zeker niet op schrijven.

Ik deed voor het eerst mee in 2012 en had me de dag voor het begon ingeschreven. ‘Een roman? Cool, dat wil ik doen.’ Geen plan, geen echte ideeën, gewoon mijn computer en ik. De eerste dag ging ik zitten, begon ik met schrijven en lo and behold, dertig dagen later had ik een roman. (Eentje die diep in een tas achterin de kast heeft gelegen, maar die ik nu aan het herschrijven ben en hopelijk volgend jaar naar uitgevers kan sturen!)

En dit jaar begon ik op 4 november. De eerste deadline gemist, maar weer dacht ik ‘Een roman? Cool, dat wil ik doen’. Ik denk dat een NaNo-vrij jaar me had laten vergeten wat een strijd het was om zoveel woorden per dag te schrijven.

Wat mij redt tijdens NaNo is een rooster. De eerste keer dat ik meedeed was ik nog een bachelor-student, dus mijn rooster werd bepaald door mijn colleges. Ongeacht of je werkt, studeert of full-time schrijft, geef jezelf een paar vaste schrijfuren per dag.

Mijn uren waren van 8 tot 10 uur ’s avonds (ik ben een snelle schrijver). Na het eten en voordat ik moe werd of sociale plannen had, moest ik twee uur schrijven. Ook als ik mijn woordenaantal om 9 uur haalde, moest ik verder schrijven tot 10 uur. Want, zoals je ondertussen misschien wel weet, is een overschot aan je dagelijkse woorden deze maand een godsgeschenk. Dit jaar hou ik hetzelfde schema aan en tot nu toe gaat dat goed. Ik heb het officiële woordenaantal al bijna ingehaald (en tegen de tijd dat je dit leest, ben ik er hopelijk al voorbij).

Dit rooster was af en toe niet genoeg om mijn woordenaantal te halen. Sommige dagen word je wakker en ben je, creatief gezien, leeg. Je wilt het hele verhaal doorkrassen. Opnieuw beginnen. Stoppen met NaNo. Je kunt het niet. Maar je kunt het wel.

Op dat soort dagen ging ik naar buiten om te wandelen, nam ik echt afstand van mijn computer. Of ik ging naar mijn huisgenoten toe, vertelde ze waar ik vastzat en vroeg ik hen hoe ik het kon fixen. Tegen het einde gebruikte ik zelfs het ultieme cliché: ik vermoordde een personage. Ik zat zo vast dat ik iemand dood moest laten gaan. Was het een goed plotelement? Nee. Overleeft het de herschrijfronde? Nee. Maar het zorgde er wel voor dat ik bleef schrijven en mijn woordenaantal haalde, en dat is het enige wat deze maand telt. Je kunt nog jarenlang stukjes verwijderen of vervangen. Maar deze maand: schrijf gewoon.

Oh, en wees niet bang om een vrije dag te nemen als jij je echt niet kunt concentreren. Je zult er later voor moeten boeten, maar soms lukt het schrijven gewoon niet – en dat is oké.

Mijn grootste probleem tijdens NaNo is mijn angst dat ik niet origineel genoeg ben als schrijver. Ik schrijf Young Adult-verhalen en niet het science fiction-type. Dit betekent dat mijn eerste verhaal een cliché teenage love story was en dat ik dit jaar schrijf over de zelfontdekking van een jong meisje. Dit zijn geen baanbrekende onderwerpen en vaak, terwijl ik schrijf, wil ik het hele verhaal weggooien. Ik blijf maar denken ‘dit is al eerder gedaan en door een veel betere schrijver’, maar dat maakt helemaal niet uit. Ik moet gewoon blijven doorschrijven en zien wat er gebeurt. Voor mij draait NaNo niet om het schrijven van een perfect boek; het draait om mezelf uitdrukken en de personages die al jaren door mijn hoofd zweven eindelijk op het papier zetten.

De beste tip die ik iemand kan geven is om je innerlijke twijfels echt te negeren. Je zult dagen hebben dat jij je als een verschrikkelijke schrijver voelt en dat is oké. Dat doen we allemaal, maar wat je een winnaar maakt is dat je door blijft schrijven.

En ik ben nooit gelukkiger geweest dan op die laatste dag in 2012 toen ik mijn 50.000 woorden instuurde. Het voelde perfect en dat kun jij ook bereiken – schrijf gewoon.

Bezoek de blog van Emma

Volg Emma op Twitter

Submit a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *