Schrijfwedstrijd maart 2022

Schrijfwedstrijd maart 2022

Update: de wedstrijd is gewonnen door Ineke Lascher met het verhaal ‘Er is hoop’. Gefeliciteerd!

Binnenkort lees je in een nieuwe blog het winnende verhaal en mijn feedback erop.

Wil je een mailtje ontvangen wanneer er een nieuwe schrijfwedstrijd is? Meld je dan aan voor mijn gratis schrijftips en -oefeningen.

 

Zo doe je mee aan de schrijfwedstrijd maart 2022:

 

  1. Laat je inspireren door deze foto!
  2. Schrijf een kort verhaal van max. 400 woorden (incl. titel) in het Nederlands.
  3. E-mail je verhaal als Word-bestand uiterlijk donderdag 31 maart 2022, 23.59 uur Nederlandse tijd naar info@kellymeulenberg.com. Heb je geen Word? Plak je verhaal dan in de e-mail. Andere bestandstypen zijn niet toegestaan.
  4. Bonus: als je trots bent op wat je hebt geschreven, deel het dan in de reacties hieronder! Dit is niet verplicht, maar wel heel leuk :)

 

Dit kun je winnen:

 

De schrijver van het beste verhaal wint een gesigneerd exemplaar van Schrijverig: Het inspiratieboek voor beginnende schrijvers (t.w.v. € 18,95 incl. verzendkosten binnen Nederland; verzendkosten naar het buitenland worden gefactureerd). Dit boek staat vol persoonlijke en creatieve schrijfoefeningen, plus tips om veelvoorkomende schrijftwijfels om te denken. Zo krijg je nóg meer inspiratie om verhalen te schrijven en je schrijfdromen waar te maken.

De schrijvers van de tien beste verhalen winnen elk een coachsessie (t.w.v. € 29,-), waarin we je verhaal en evt. schrijfvragen bespreken. (Je kunt dus meerdere verhalen insturen, maar je krijgt één sessie.)

Het verhaal van de winnaar en mijn reactie erop worden, na de coachsessie, gepubliceerd op mijn blog.

Deelnemers ontvangen de uitslag op 12 april. De uitslag wordt ook bekendgemaakt op deze pagina, mijn sociale media en in mijn e-mailnieuwsbrief.

 

Overige voorwaarden:

 

De prijs is niet in te wisselen voor geld. Ik vermeld de naam en het verhaal van de winnaar op mijn site en alleen de naam op mijn sociale media en in mijn nieuwsbrief – door je verhaal in te zenden, geef je hiervoor toestemming indien van toepassing. Je verhaal wordt verder niet door mij gedeeld en alle rechten blijven bij jou. Je mag je verhaal en de bijbehorende foto delen op je eigen blog en social media. Hoewel ik mijn best doe om iedereen een ontvangstbevestiging te sturen, ben je er zelf verantwoordelijk voor om je verhaal in te zenden volgens de voorwaarden. Bij vragen, mail me op info@kellymeulenberg.com.

 

Klaar? Schrijven maar!

 

Deadline: donderdag 31 maart

Klik op de foto om hem te vergroten:

Wat voor verhaal verzin je bij deze foto? Een regenboog steekt scherp af tegen een lucht vol wolken en landt in een groen weiland. Doe mee aan de schrijfwedstrijd maart 2022 van schrijfcoach Kelly Meulenberg!

Foto door Todd Cravens via Unsplash

Hulp nodig? Lees het artikel: Hoe schrijf je een verhaal bij een foto?

Veel schrijfplezier!

4 Comments

  1. Trots is een groot woord maar enigszins tevreden mag ik hoop ik toch wel zijn over dit verhaaltje.

    Aan het eind van de Kleurenboog….

    “Beetje doorlopen graag!” bromde kevervader tegen zijn keverkind dat Hetty heette en dat naast hem dartelde. Althans dat meende kevervader, die alleen maar aan mest dacht want mestkevers denken aan niets anders dan aan mest. Dartelen hoort daar niet bij, oh nee.
    Keverkind Hetty dacht niet aan mest, welnee, die dacht aan leuke dingen zoals die vreemde en mooie kleurenboog aan de hemel die zo straalde met wel honderdduizend miljoen kleuren. Dat aantal is voor ons volwassen mestkevers enigszins overdreven maar voor een keverkind is dat heel normaal.
    Het was vast een sprookjesboog dat moest haast wel want zóveel kleuren bij elkaar daar moesten sprookjes zijn.
    “Pap, wat is dat voor een kleurenboog?” vroeg ze daarom met een verwachtingsvol stemmetje. Haar vader stokte even in zijn pas, “Kleurenboog?” vroeg hij nors, “wat voor kleurenboog?’. Hij dacht alleen aan mest en zag helemaal geen boog, laat staan een kleurenboog.
    “Nou, die kleurenboog die daar in de lucht staat, die ziet u toch wel?”
    “Ik zie niks, mest moet ik hebben, mest en niks anders..jawel..mest zeg ik je” gromde vader verstoord. Hij was net verzonken in een heerlijke mestdroom en nu begon dat kind over een kleurenboog.
    Men begrijpt dat zulke rebelse opmerkingen van een mestkeverkind niet thuishoren in de geordende wereld van een mestkevervader.

    Niet in het minst uit het veld geslagen door de norse reactie van haar vader jubelde Hetty “misschien ligt aan het einde van die kleurenboog wel een hele hoop sprookjesmest vader”
    Vader veerde wat op bij het woord ‘mest’, en bekeek ineens met voorzichtige aandacht de lucht. “Hmmm….” bromde hij terwijl hij stiekem verder de lucht afzocht. Zijn dochter hoefde niet te weten dat hij toch ineens erg benieuwd was naar die boog van kleur waar misschien wel een hele hoop mest lag.
    Hij schuifelde wat rond en zag ineens in de verte een kleurige boog in de lucht staan.

    “Warempel, een boog van kleur” mompelde hij ineens nogal hebberig want de gedacht aan een hele hoop mest is onweerstaanbaar voor een mestkever, behalve als ze Hetty heten en klein zijn want dan ben je met hele andere dingen bezig.

    “Kom kind, een beetje doorlopen” bromde kevervader haastig ineens tegen zijn keverkind dat naast hem dartelde en beiden wandelden in de richting van die kleurenboog, ieder met verschillende gedachten over die magische boog van kleur.

    Reply
  2. Tess en de pot met goud

    Het was 1873 en Glooiland begon zich te ontpoppen als een lichtgroene zee van verse grassen en de eerste blaadjes van de miljoenen koolzaad planten die er zouden groeien. Ieder jaar weer veranderde de natuur het groene voor okergeel.
    De elf jarige Tess leunde met haar ellebogen op de rand van het raam. Of eerder het kozijn waar voorheen een raam zat. Dat raam was gesneuveld toen ridders van de koning hun huis doorzochten. Op zoek naar belastinggeld dat ze niet konden vinden. Ze waren arm.

    Haar vader was twee jaar geleden overleden en samen met haar moeder en broertje Ben hielden ze zichzelf maar net in leven.
    In de verte pakten donkere wolken zich samen en er beloofde een beste regenbui aan te komen. De kamer waar Tess op dat moment stond, zou nat regenen. Het was de geliefde leeskamer van haar vader.

    Plots verscheen de zon. Nog net even trotseerde ze de donkere lucht waarbij een regenboog verscheen. Met open mond keek Tess ernaar en ze herinnerde zich heel goed de woorden die haar vader eens zei: ‘Aan de grond van de regenboog, daar ligt een pot met goud!’
    Meteen snelde ze de leeskamer uit en zonder iets te zeggen rende ze uit huis de velden in. Met de meeste brede glimlach wilde ze zo snel als ze kon naar de voet van de boog. Maar toen ze er bijna was, dreven de donkere wolken voor de zon.
    Teleurgesteld liep ze terug naar huis. De regenboog was verdwenen en zo ook de pot met goud.

    Vier dagen later werd het weer donker in de namiddag en weer werd er hevige regenval verwacht. Tess speelde nog buiten toen ze zag hoe een nieuwe regenboog zich vormde. Met dezelfde blijdschap negeerde ze de woorden van haar moeder om naar binnen te komen. Zo hard ze kon rende ze naar de plek waar de regenboog de grond leek te raken. Bijna werd ze omver gelopen door de kudde schapen die uit voorzorg hun heil in de schuur zochten.
    De zon bleef schijnen en de regenboog bleef zichtbaar.
    ‘Hier moet het zijn!’ riep Tess opgewonden.
    Ze zocht en ze keek om zich heen. Maar nergens lag een pot met goud. Blijdschap maakte plaats voor teleurstelling en de wolken verdreven de zonnestralen.
    ‘Je loog, pap!’ riep Tess boos richting de hemel. ‘Er is helemaal geen pot met goud.’

    De volgende morgen moest Tess de schapen verzorgen in de schuur. Die dag had ze nergens zin in en ze was nog steeds boos. Terwijl ze de poep van de schapen weg schepte, viel haar iets ongewoons op. Iets dat glom lag tussen het stro. Iets dat er de vorige dag nog niet had gelegen, wist ze zeker.
    Toen ze een paar schapen aan de kant had geduwd en met haar voeten wat stro wegveegde, viel haar mond open van verbazing.
    ‘Mam!’ riep ze meteen. ‘Maaaaaaaaaam!’
    Gehaast kwam haar moeder de schuur in gerend en ze vroeg wat er aan de hand was.
    ‘Wat heb je daar?’
    ‘Ik weet het niet, mam, maar dit lag er gisteren nog niet.’
    Moeder hurkte door haar knieën en ze duwde tegen een soort vaas. Meteen vielen er tientallen gouden munten uit tussen het stro.
    ‘Hoe komt dat hier?!’
    Tess haalde haar schouders op, maar kreeg ineens een idee.
    ‘De regenboog!’ riep ze.
    ‘Wat bedoel je?’
    ‘Vader zei eens dat er een pot goud onderaan de regenboog zou liggen. Toen ik gisteren ging kijken, lag er niets.’
    ‘Maar hoe kan deze pot hier dan terecht komen?’
    Daarop klonk er luid gemekker van enkele schapen. Tess werd zelfs aangeduwd door een van hen.
    Toen ze het schaap aankeek, kreeg ze een vreemd gevoel. Het schaap duwde vervolgens tegen het hengsel van de pot en mekkerde weer.
    ‘Heb jij…?’ vroeg Tess.

    Reply
  3. 2072

    Nadat ze het verbodene hadden gedaan, dat wat niet bij naam mocht genoemd worden, waren Billy en Jane de stad uit gevlucht. Ze hadden één minuut de tijd gehad om weg te komen. 60 seconden om het plan te laten slagen.
    Billy zocht het wit van Jane’s ogen in de donkere grot. Hij hoorde enkel haar ademhaling. Een zacht gefluister van angst en moed.
    ‘Hoor je dat?’ Jane kroop dichter tegen Billy aan, de aarde kleefde aan haar handen.
    ‘Wat? Nee… ik hoor niets.’
    ‘Ja, dat is het juist.’ Jane zocht naar zijn lippen. Voor ze hem kuste zei ze: ‘Het feit dat we niets horen betekent dat de storm voorbij is.’
    Billy begreep het meteen. De storm voorbij. Dat betekent… we moeten gaan kijken dacht hij, maar zei het niet.
    Het laatste wat ze hadden gezien tijdens hun vlucht uit de stad, was wat er altijd geweest was. Een donkere, zwarte smog die boven hun hoofden hing. Op dat moment, toen ze over het heuvelige landschap hadden gerend, dacht hij terug aan de verhalen van zijn opa, dat de lucht vroeger blauw was. Dat er een grote ster het verschil maakte tussen dag en nacht, wat hadden Billy en Jane dat willen meemaken.
    ‘Billy, durven we gaan kijken?’
    ‘Samen.’ Hij pakte Jane’s hand stevig vast en trok haar recht. Hand in hand liepen ze de grot uit. Jane voelde Billy’s hartslag en de hare ging op hetzelfde tempo. Alles samen, dacht ze bij zichzelf. Ook sterven.
    Een puntje licht verscheen in de verte en werd steeds groter. Billy kon opnieuw het mooie gezicht van Jane zien, iets wat hij gedacht had nooit meer te zien. Hun passen versnelden. Een licht looppasje veranderde in rennen. Sprinten.
    Hun ogen zagen voor het eerst een blauwe lucht. Witte, langwerpige pluizen hingen laag aan de hemel.
    ‘Billy, is dat een…’
    ‘Regenboog. Ik denk het. Het lijkt op de beschrijving van opa,’ hij wreef door Jane’s haar, ‘het is ons gelukt.’
    ‘Samen.’

    Reply
  4. WEEKEND

    Langzaam word ik wakker. Ik lig op mijn zij onder het donzen dekbed, lepeltje-lepeltje tegen Esina aan. Het voelt als een warme cocon.
    Mijn ogen houd ik dicht.
    Haar hoofd rust op mijn rechterarm die met een lichte tinteling verraadt nog niet wakker te zijn.
    Blonde lokken kriebelen in mijn gezicht.
    Mijn lippen drukken een kus in de glooiing waar haar nek overgaat in haar schouder. Haar huid smaakt ietwat ziltig, alsof ze zich slechts haastig onder de douche heeft afgespoeld na een duik in zee.
    Mijn ene knie rust in haar knieholte, mijn linkerbeen is over haar heengeslagen en ik wrijf mijn kuit lichtjes over haar scheenbeen op en neer.
    Ik voel Esina’s satijnzachte billen meebewegen.
    Met mijn vrije hand streel ik haar buik, mijn vingers draaien rondjes om haar navel.
    ‘Hmm, lekker,’ fluistert ze en kruipt nog dichter tegen me aan.
    ‘Hmm.’ Ik ben het helemaal met haar eens.
    Ze legt haar linkerhand op mij dijbeen, knijpt er zachtjes in.
    We ademen synchroon en genieten in stilte van elkaars nabijheid.

    Esina komt in beweging, ze draait zich om en komt op me liggen.
    Ik voel haar adem op mijn gezicht als ze me aankijkt.
    Ze kust me en zegt: ‘Vannacht lag jij zo lekker diep te slapen. Je werd niet eens wakker van het bedlampje toen ik eruit ging. Ik moest plassen en toen ik terugkwam heb ik naar je zitten kijken. Ik dacht eraan hoe fijn het is met jou en dat het zo’n goed idee was om dit weekend een huisje te huren. Terwijl ik zo over ons zat te mijmeren, bedacht ik dat alles helemaal klopte, zelfs het schilderij boven dit bed.’
    ‘Schilderij?’
    Ik buig mijn hoofd zo ver mogelijk naar achteren om het kunstwerk te kunnen aanschouwen.
    ‘O, dat. Gewoon een landschap, toch? Al die huisjes hier hebben zo’n reproductie aan de muur.’
    ‘Dat is wel zo, maar deze past perfect bij ons; hij is heel symbolisch voor ons leven samen. Het is een heuvellandschap met een regenboog.’
    ‘Bedoel je na regen komt zonneschijn? Of dat wij zo’n vrolijk, kleurig stel zijn?’
    Ze tikt met haar wijsvinger tegen mijn neus.
    ‘Nee, suffie, Je weet toch wat ze zeggen? Onder de regenboog staat een pot met goud. En ik vond vannacht dat deze reproductie ontzettend op zijn plaats is, precies boven ons bed. Want wat wij samen hebben is toch helemaal goud!’

    Reply

Leave a Reply to Marlies Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *