Schrijfwedstrijd juni 2019

Schrijfwedstrijd juni 2019

Update: de wedstrijd is gewonnen door Anneke Klein. Gefeliciteerd!

Wil je een mailtje ontvangen wanneer er een nieuwe schrijfwedstrijd is? Meld je dan aan voor de schrijftips.

Zo doe je mee aan de schrijfwedstrijd:

  1. Laat je inspireren door deze foto!
  2. Schrijf een kort verhaal van max. 400 woorden (incl. titel).
  3. E-mail je verhaal uiterlijk zondag 30 juni 2019, 23.59 uur Nederlandse tijd naar info@kellymeulenberg.com, bij voorkeur als .doc-bestand.
  4. Extra: Wil je meer kans maken om te winnen? Deel je verhaal dan ook in de reacties hieronder!

 

Dit kun je winnen:

Een kaartje voor de Schrijfmiddag op zondag 28 juli in Utrecht (t.w.v. € 20,-).

Onder alle inzendingen en reacties verloot ik een kaartje. De prijs is niet in te wisselen voor geld. Mocht je al een kaartje voor de Schrijfmiddag hebben gekocht, krijg je het geld daarvoor terug óf kun je gratis iemand meenemen.

Deadline: 30 juni

 

Klik op de foto om hem te vergroten:

1906 schrijfwedstrijd juni 2019 joshua-sazon-373580-unsplash

Foto door Joshua Sazon via Unsplash

 

Meer inspiratie nodig? Je kunt aan de volgende vragen denken (maar dat is niet verplicht):

  • Wie zijn deze personages? Wat is hun band met elkaar?
  • Wat doen ze op het strand? Zijn ze op vakantie, een dagje weg, wonen ze er in de buurt?
  • Kijken ze naar de persoon op het water? Zo ja, waarom? Zo nee, waar zijn ze mee bezig?

Veel schrijfplezier!

Je vindt deze schrijfwedstrijd ook in het overzicht van Schrijven Online.

12 Comments

  1. Zijn plek

    “Het was Menno’s mooiste sprong.” Is het eerste dat Maaike zegt, nadat ze met Roos op de steen is gaan zitten. Ze kijken uit over de Noordzee die rustig tegen de steen aan klotst. Dit is de plek waar Maaike Menno voor het eerst zag. Op zijn surfplank. Tijdens de jaarlijkse surfwedstijd, waar zij met een aantal vriendinnen toevallig was gaan kijken. Ze viel als een blok voor hem.
    Er zitten nu ook surfers in het water. Morgen is die jaarlijkse wedstrijd weer. Menno is ook de reden waarom ze nu weer hier is.
    “Het was letterlijk de sprong van zijn leven,” antwoordt Roos na een paar seconden.
    Luide muziek haalt de meisjes uit hun gedachten. Ze kijken beide naar links waar het strand is bezaaid met mensen die genieten van de warme dag.
    “Wanneer ga je het doen?” vraagt Roos.
    Een simpele vraag, Maaike kan niet meteen antwoorden. Ze probeert de brok in haar keel weg te slikken. “Kunnen we dit wel met zijn tweeën doen?” vraagt ze dan om de eerdere vraag wat uit te stellen.
    Even blijft het stil tussen de twee.
    “Ja, ik denk wel dat het beter is,” antwoordt Roos dan met een kleine zucht vooraf. “Nu hoef je jezelf geen zorgen te maken over de rest. Die zouden het toch niet goed vinden. Stel je voor dat ze er nu zouden staan.” gaat ze verder.
    Maaike knikt. “Nee, als ze merken dat we hem hebben meegenomen bellen ze waarschijnlijk de politie wegens ontvoering.”
    Roos lacht met haar tanden op elkaar.
    Ondanks dat de strandgasten om hun heen veel herrie maken, herkent Maaike de heksen stem van haar schoonmoeder. Met een ruk staat ze op en speurt de horizon af.
    “Wat is er?” vraagt Roos geschrokken.
    “Het is die heks, ze is ons gevolgd,” antwoordt Maaike met een lichte paniek in haar stem.
    Aan de rand van de boulevard ziet ze de oudere dame en twee politie agenten staan. Haar schoonmoeder wijst in hun richting. Maaike voelt haar nek haren omhoog trekken als één van de agenten haar kant op kijkt.
    “Schiet op. Doe het nu!” zegt Roos die ook is opgestaan.
    Meteen grijpt Maaike de urn en draait naar de zee.
    “Mijn liefste, dit is de plek waar jij hoort te rusten. Ik zal je missen.”
    Ze opent de urn en strooit het as van Menno de golven in.

    Reply
  2. Verliefd

    ‘Zou hij iets vermoeden?’ hoor ik mijn vriendin Lotte vragen. Ik kijk haar aan. En kijk dan naar de man in een fel blauwe zwembroek die richting de vloedlijn loopt.
    ‘Ik heb geen idee. Maar ik hou dit sowieso niet veel langer vol.’ Ik laat mij zuchtend achterover op mijn handdoek vallen. Lotte volgt mijn voorbeeld. We kijken elkaar aan. Haar blauwgrijze ogen stralen uit wat ik nu in mijn buik voel. Verliefdheid.
    ‘Je moet het hem echt vertellen.’ Ik zucht en ruik de zilte zeelucht waar ik altijd zo van hou. Maar vandaag niet, niet op deze plek. Ik kom omhoog en steun op mijn elleboog. Lotte volgt weer mijn voorbeeld. Ze komt iets dichterbij met haar gezicht. Ik hoor geschreeuw van een man, maar heb alleen nog maar oog voor Lotte. Ze is zo mooi, zo lief.
    ‘Je kunt zo bij mij intrekken. Ik heb ruimte zat.’ Ik knik en ga weer rechtop zitten. Lotte blijft liggen.
    ‘Dat weet ik lieverd. Ik wil ook niets liever dan dat,’ hoor ik mezelf zeggen terwijl ik zie dat er rechts van mij iets gaande is bij de vloedlijn. Er rennen wat mensen zenuwachtig heen en weer.
    ‘Maar?’ zegt Lotte die nu weer naast mij zit. Ze glimlacht. Ik glimlach terug.
    ‘Drammer,’ ik zucht weer, ‘Je hebt gelijk. Ik moet er vandaag een einde aan maken.’ Ik kijk weer naar de zee waarin de zon wordt weerspiegeld. Van links komt er een terreinauto van de reddingsbrigade aangereden. De auto stopt en er springen twee blonde mannen uit. Ze rennen naar iemand in een fel blauwe zwembroek die languit op het strand ligt.

    Twee maanden later kijk ik uit het raam van mijn nieuwe appartement. Ik zie een witte auto met bloemen erop voor het appartementenblok stoppen. Ik denk aan hoe het was, twee maanden geleden, diep ongelukkig, maar ook hevig verliefd. Op iemand anders. En nu, een crematie en een verhuizing later, lacht het geluk mij weer toe. Ik voel hoe twee armen zich om mij heen vleien. Voel haar adem in mijn nek en dan de warmte van haar lippen op mijn oor.
    ‘Kom je? De ambtenaar wacht niet op ons.’

    Reply
  3. Zon, zee en tranen

    “Dus je swipte naar rechts?” Eva knikt. “Het was zo stom. Ik wilde dat helemaal niet doen. Het ging echt per ongeluk.” Er valt een stilte tussen haar en haar beste vriendin. Het ruisen van de zee en de schreeuwende meeuwen vullen deze probleemloos. Dan vanuit het niets richt Tess zich weer op. “En hij swipte ook naar rechts?” Eva’s adem stokt in haar keel. Ze duwt haar tenen in het zand.

    Erik had inderdaad naar rechts geswiped. Dat terwijl ze samen met hem in de kleine keuken van het studentenhuis stond. Eva stond met haar rug naar hem toe en haar heupen tegen het keukenblad de afwas te doen toen de pushmelding binnenkwam. Met een schuin oog wierp ze een blik op haar telefoon die bovenop de theedoos lag. Veilig van al het water, maar binnen handbereik. Ze zou maar eens vijf minuten zonder moeten. Een nieuwe match op Tinder. “Hey…” zei ze terwijl ze haar rechterhand aan de achterkant van haar broek droogwreef. Ze greep haar mobiel en opende het bericht. Voor ze het doorhad, keek ze recht in de bruine ogen van Erik. “Wat?” Ze fluisterde ondanks dat ze in de veronderstelling is dat ze alleen in de keuken was. “Yup.” Met zijn warme adem fluisterde hij het woord in haar oor. “Jezus!” Eva hupste omhoog en wilde zich omdraaien, maar ver kwam ze niet. Erik duwde zijn warme lijf tegen haar rug en liet zijn handen over haar dijen glijden. Met zijn tong likte hij haar hals. “Erik?” Haar stem was hoog en onvast. De handen duwden zich nu naar de binnenkant van haar benen.

    Het zand glijdt tussen haar tenen door. Het voelt zacht, als fluweel. De tranen druppen van haar kin en maken donkere inslagen op het witte strand. Alsof er tientallen kleine bommetjes zijn gevallen. Tess staart in stilte voor zich uit naar de surfer in de golven, maar ze heeft Eva’s hand stevig vast. Erik heeft de twee zussen tegelijkertijd bezwangerd.

    Reply
  4. Stille wateren

    Annika’s lange, blonde haren waaien wild langs haar gezicht. Vanaf de zee waait een ferme bries het land in. Ze vouwt haar handen om haar gezicht om goed de zee in te kunnen kijken.
    ‘Volgens mij zie ik hem niet meer,’ prevelt ze zacht voor zich uit.
    Jolanda laat haar ogen ook de zee af speuren. Door het kolkende water is het lastig te zien.
    Dan zien ze hem tegelijkertijd. Met zijn allerlaatste krachten werpt hij zich nog eenmaal omhoog. Zijn gezicht is hol en bleek. Zijn lippen willen nog een woord vormen maar het is al te laat. Een grote golf trekt hem mee naar beneden, weer terug het ijskoude water in.

    De zusjes blijven verstijfd op de hoge rotsen boven het water zitten. Meters onder hen slaan hoge golven zich met een hels kabaal ritmisch tegen het gesteente. Af en toe scheert er een meeuw over het water en krijst hard. Annika schrikt er steeds van. Haar onderlip trilt en uit haar ooghoeken glijden tranen over haar wangen. Jolanda schuift voorzichtig naast Annika. Met beide armen omarmd ze haar kleine zusje en trekt haar dicht tegen zich aan. Minutenlang zit Annika verkrampt tegen haar aan. Dan voelt Jolanda haar langzaam iets ontspannen. Annika’s schouders beginnen te schokken en ze begint zachtjes te huilen.

    ‘Het is voorbij nu, lieve Annika.’ Terwijl Jolanda de woorden vlakbij haar zusjes oor fluisterend blijft herhalen wiegt ze haar als een baby heen en weer. Na een poosje hoort Jolanda haar niet meer snikken. Voorzichtig veegt ze Annika’s blonde lokken van haar voorhoofd. Ze slaapt. Heel rustig en vredig. Eindelijk.

    Jolanda kan het nog maar amper bevatten. Drie maanden geleden werd hun vrijheid abrupt afgenomen. Drie maanden zat ze samen met haar zusje in een vieze, vochtige kelder. Vandaag mochten ze heel even naar buiten. Jolanda deed alsof ze haar veters vast wilde maken. De steen naast haar schoen was perfect. Ze treuzelde. Net zolang tot hij kwam kijken. Een ongekende oerkracht maakte zich van haar meester. Snel greep ze de steen, sprong omhoog en liet de steen met een doffe dreun op zijn hoofd neerkomen. Annika gilde het uit.

    ‘Kom, help me!’ riep Jolanda. Ze moest dit van haar zusje vragen. Samen rolden ze hem naar de rotsachtige afgrond. Daar opende hij verschrikt zijn ogen. Ze kregen één kans.
    ‘Duwen, NU!’

    Reply
  5. Natuurfotograaf.

    Olivier zat op het terras in de schaduw en keek rond tot zijn aandacht werd getrokken door twee dames die enkele tafels verderop zaten te keuvelen. Hij nam zijn recent aangeschafte digitaal fototoestel een zwarte Canon SX430 en bekeek de foto’s die hij geschoten had in de afgelopen dagen. Hij bekeek de twee dames en vervolgens het scherm en nam een besluit. Stond op, wandelde naar het tafeltje en stelde zich voor. ‘Excuseer dames, mijn naam is Olivier en ik ben natuurfotograaf mag ik u even iets vragen?’ Marleen en Veerle keken elkaar aan en schoten in de lach. Olivier bedacht meteen waarom en vervloekte zichzelf zonder dat de dames het merkte. Veerle hield haar hand boven haar ogen ter bescherming tegen de zon, toonde een stralende glimlach en vertelde hem dat hij zijn vraag maar moest stellen. Olivier verbaasde zich, eerst herpakte zich, nam de stoel, zette zich neer en expliceerde dat hij de laatste dagen in het wilde weg wat foto’s had genomen en toonde hun de foto met de vraag of zij toevallig de dames waren op zijn camera. Marleen nam het toestel op en bestudeerde de foto aandachtig. ‘Dat is inderdaad een foto van ons.’ Lachte ze hem toe terwijl Veerle het fototoestel overnam en de foto bestudeerde en vervolgens haar vriendin bijtrad in haar stelling. Het drietal geraakte aan de praat en brachten de avond verder door. De dames amuseerden zich en verdronken zich in cocktails de hele avond, af en toe verdwenen ze samen naar het toilet waar ze elkaar vertelde dat Olivier de natuurfotograaf best wel een lekker stuk was waar men gerust de lakens mee wilde delen. Het zou immers niet de eerste keer zijn dat beide dames een man verslonden tijdens één van hun vakantie trips. Toen de zon al lang onder was betraden Veerle en Marleen hun hotelkamer in het gezelschap van Olivier.

    Olivier draaide de kraan dicht. Droogde zich af en kleedde zich aan, verliet de badkamer en bekeek het bed. De twee blondines naakt, gekneveld en badend in het bloed, hij grijnsde, pakte zijn camera van de stoel, stopte die in zijn rugzak en verliet de kamer in zichzelf pratend. ‘Hoeren zijn het, allemaal hoeren!’ Toen hij de hoek omging en de trappenhal betrad passeerde net de kuisvrouw, hun blikken kruiste elkaar. Ze voelde zich ongemakkelijk en versnelde haar pas. Enkele minuten later weerklonk een vreselijk geschreeuw.

    Reply
  6. Golfslag

    Lisa keek naar de surfster die de zoveelste golf bereed voor de kust van West Ibiza. Wendy keek op haar horloge. De twee vriendinnen hadden afgesproken om te scooteren naar de Noordkust van Ibiza. Ze hadden een korte stop gemaakt om wat te eten en te drinken en waren op de rand van een lage rots komen zitten. Lisa had de hele vakantie al gezocht naar een stil moment. Wendy continu naar de volgende kick, het volgende avontuur. Lisa tuurde naar de sierlijke bewegingen van de surfster. De golven sloegen vrolijk om haar heen. De surfster was zo verdiept in het surfen dat ze niet doorhad dat de twee vriendinnen haar volgden. Links op de achtergrond, in de verte, stond de legendarische rots Es Vedrà statig in het water.

    Wendy stond op. Ze werd onrustig en sprong op haar plek in het stuifzand. Ze hadden gisteren spontaan besloten om mee te doen met een yoga sessie op het strand voor het hostel in het drukke gedeelte van Playa d’en Bossa, hét feestgedeelte van Ibiza. Wendy gooide haar handen wild omhoog en daarna naar beneden, ze boog haar rug voorover en probeerde met haar handen haar voeten te raken, dit lukte niet. Ze zuchtte en steunde. Wendy had Lisa uitgenodigd om mee te komen naar Ibiza in plaats van haar ex. Wendy had de relatie met haar ex-vriendje een week geleden uitgemaakt en had zodoende ruimte voor een reisgenootje.
    De meiden hadden grappige avonturen beleefd, en enkele gênante momenten. Maar alles kon worden opgelost met een reep chocola en een theetje in de zon. De surfster maakte Lisa echter woedend van binnen. Zíj wilde die surfster zijn die de golven onder controle had. Niet andersom.
    Lisa besloot ter plekke te protesteren tegen de vooruitgangsdrang van Wendy. Lisa bleef rustig zitten. Wendy plofte neer in het warme stuifzand op de rots en kwam tenslotte weer naast Lisa zitten. Ze probeerde oogcontact te zoeken maar het lukte niet. ‘Lis’ zei ze tenslotte wanhopig. Lisa keek haar eindelijk aan. Ze keek serieus. ‘Ja?’ Wendy schudde onrustig op haar achterwerk. ‘Kunnen we verder gaan? Ik word hier een beetje kriegel van.’ Lisa surfte de golven van haar gedachten. ‘Nee, Wen.’ Wendy keek Lisa met grote ogen aan. Paniek. Lisa was tevreden. Ze wendde haar blik weer op de surfster. ‘We blijven nog even zitten.’

    Reply
  7. Ik zie, ik zie wat jij niet ziet

    Jackie en Jennifer kijken samen over het water. De golven zijn rustig, het is heerlijk weer en ook van binnen voelen ze de rust weerkeren.
    Die rust is heel welkom na al die drukte in de afgelopen week. Druk bij het hectische af. Maar nu kabbelen hun gevoelens eindelijk rustig voort. Een lichte deining is nooit erg. Dat hoort er eerder bij, zeg maar.

    Zie jij wat ik zie?, vraagt Jackie? Als Jennifer ontkennend antwoord, zegt Jackie: “Dan zie ik dus wat jij niet ziet. En het is oranje “.
    Jennifer is natuurlijk razend nieuwsgierig en begint meteen te raden.
    Maar dat is een vrij kansloze missie. Jackie ziet het namelijk niet letterlijk, maar in haar gedachten. Ze denkt aan het WK in Frankrijk. Ze ziet voor zich hoe de Oranje Leeuwinnen de finale winnen. Nederland wordt wereldkampioen en de straten in ons land kleuren helemaal oranje.
    Zou die droom uitkomen?

    Reply
  8. Herinneringen.

    Zittend op een rotsblok aan de Atlantische kust met Ilse, kijkt Els naar de man met de surfplank in het water. Ze keek maar ze zag Bjorn eigenlijk helemaal niet want in haar gedachten leek het alsof Hans daar in het water stond. Haar gedachten dwaalden af naar de fantastische jaren die ze met Hans had beleefd voordat hij in het voorjaar overleed door een plotselinge hartstilstand.
    ‘Waar was jij met jouw gedachten?’ vroeg Ilse. Even welde een traan in Els haar ogen op.
    ‘Nu ik Bjorn met de plank in het water zie, is het net of ik Hans bezig zie met zijn grote hobby. Toen ik Hans pas leerde kennen, deed hij nog alleen aan windsurfen maar in latere jaren was hij helemaal gek van kitesurfen. Als er voldoende wind stond, was hij in zijn vrije tijd in Scheveningen aan het surfen. De adrenaline gierde door zijn lijf als hij een mooie sprong maakte. Hij wilde ook altijd nog een keer naar Zuid-Afrika naar een natuurpark om de Big Five te zien en daarna een aantal dagen in Kaapstad te gaan kitesurfen. Maar helaas…….’

    Enkele dagen voordat de twee vriendinnen op de rotsblokken zaten, was Els naar de kleine plaats in Les Landes gereden waar Ilse met Bart een paar jaar geleden een oud chateau hadden omgebouwd tot een prachtige bed & breakfast. Een paar maanden na het overlijden van Hans had ze gehoor gegeven aan het verzoek van haar vriendin om een aantal weken bij haar te komen logeren.
    Op de avond van de tweede dag van Els verblijf in de bed & breakfast kwam een auto met Zweeds kenteken de oprit oprijden, een surfplank boven op het dak.
    De vriendinnen die na het eten op het terras zaten na te genieten met een heerlijk glas wijn, zagen een goed uitziende man uit de auto stappen. Nadat hij zijn spullen had weggebracht, liep hij het terras op en vroeg of hij bij hen mocht komen zitten. Algauw werd duidelijk dat de man een fervent surf liefhebber was. Hij vertelde over plekken waar Hans van had gedroomd ooit naar toe te gaan.
    ‘Ik ben hier heen gekomen omdat deze streek toch ook een fantastisch gebied is om te surfen.’ ‘Dat klopt,’ zei Ilse. ‘ Tijdens mijn strandwandeling ga ik daar vaak even zitten op een rotsblok om te kijken naar de waaghalzen. Morgen misschien ook wel.’

    Reply
  9. Voetstappen

    Op het dressoir heb ik glazen potten en flessen staan, die ik heb gevuld met schelpen. Die komen van ver. Ik pak een van de schelpen in mijn hand en direct komen de beelden van het strand waar die vandaan komt weer boven; het `schelperigste` strand waar ik ooit ben geweest: Sanibel Island, voor de kust van Florida. Toen we daar waren, was ik op een ochtend vroeg wakker door het zachte geruis van de golven. Nog even had ik geprobeerd om verder te slapen, maar ondanks dat het zwart van de nacht nog in de kamer hing, kon ik de slaap niet meer vatten. Het was vijf uur in de ochtend en hoewel mijn hoofd anders zei, wilde mijn lijf het strand op. Zachtjes sloop ik uit bed, schoot in een korte broek en T-shirt en gaf in het voorbijgaan mijn man een kus op zijn voorhoofd. Ik moest onder een groepje palmen doorlopen om het strand te bereiken. Terwijl ik onder de bomen doorliep, keek ik naar de inktzwarte lucht waar sterren fonkelden. Het schijnsel van de maan legde een wasachtige witte gloed over de bladeren. Zo liep ik door het mulle zand naar de vloedlijn. Het strand was op dat tijdstip haast onwerelds mooi. Toen ik in de glinstering van talloze schelpen naar de vloedlijn keek, zag ik een grote schelp uitsteken die mij riep. Behoedzaam pakte ik de schelp op en bekeek de draaiing van de langgerekte hoorn, voordat ik ‘m meenam. En nu woont die schelp in de schelpenbank op het dressoir.
    Ik realiseerde me dat ik mijn voetstappen achterliet, daar op dat strand. Tegelijk realiseerde ik me dat we tijdens onze levenstocht altijd wel ergens voetstappen achterlaten. Zichtbaar en onzichtbaar.
    Soms nemen we iets met ons mee en soms laten we wat achter. De tijd valt dan misschien als zand door onze handen, maar wat blijft is de herinnering. En of we onze weg nu fluitend afleggen of het als een pelgrimstocht ervaren: nooit leggen we de toch alleen af. Soms moeten we even achterom kijken om te ontdekken dat God al die tijd met ons meeliep.

    Ik loop vooruit in de golven,
    langs de vloedlijn aan de kust,
    in een zee van dromen bedolven,
    over eerder en later, over lieve lust,
    maar als ik dan achterom kijk,
    dan zie ik wat er mist:
    de golven hebben achter mij
    mijn voetstappen weer uitgewist.

    Reply
  10. Tot wederzien

    Het was ongeveer tien jaar geleden tijdens een stormige namiddag toen Leila en Ibe, twee zussen, samen met hun ouders op zee waren. Maar de storm werd wilder en wilder, tot de boot kapseisde. Veel herinnerde Ibe zich niet van het ongeluk, maar hoe kon dat ook, ze was maar zes jaar oud toen het gebeurde. Maar wat ze zich herinnerde was zo verschrikkelijk dat ze er tot op de dag van vandaag geen woord over had verteld. “Ibe! Leila! Zwem naar de reddingsboei!” Had haar vader nog geroepen vlak voor hij mee met het schip de diepte in werd getrokken. Wat er met haar moeder is gebeurd weet alleen zij, maar haar zus, wat was er met haar gebeurd? Leefde ze nog? Ibe dacht dat ze het nooit zou weten. Maar alles veranderde op haar zestiende verjaardag. “Ibe!” riep een kwade stem, “Ibe! Kom nu onmiddellijk naar beneden!” Het was mevrouw Kranen, de leidster van het weeshuis. “Ibe! Ik ga het niet nog eens vragen!” “Ik kom al mevrouw Kranen,” antwoordde ze. “Ibe er is een politieagent voor je. Je hebt toch geen stommiteiten begaan of wel soms?” “Natuurlijk niet mevrouw.” “Waarom zou de politie dan hier voor jou zijn?” “Ik weet het niet,” moest ze eerlijk bekennen. “Ik neem aan dat u Ibe de Wolf bent?” zei de politieagent. “Ja dat klopt,” antwoorde Ibe. “We hebben redenen te geloven dat uw zus nog in leven is.” “Wat! Maar dat kan niet, ik ben de enige die het ongeluk heeft overleefd!” “Mevrouw de Wolf, ik weet dat dit als een schok voor u aankomt, maar het klopt. Ze woont in Florida. En als u een DNA-staaltje zou willen afgeven om dat te bevestigen zou de familie Johnson u willen adopteren.”

    Een maand later zat ze eindelijk op het vliegtuig naar haar zus, naar haar nieuwe familie. Wat zouden ze van haar denken? Zouden ze haar wel willen? Hoe zou het er zijn? “Beste dames en heren, we gaan binnen enkele ogenblikken landen in Florida.” Eenmaal op de luchthaven voelde ze zich misselijk van de zenuwen. Maar daar stonden ze, haar nieuwe familie. Alles was zo perfect. De volgende dag ging ze met haar zus naar het strand. Om bij te praten. Ze was eindelijk gelukkig, eindelijk zeker. En toen ze samen genoten van de ondergaande zon, wist ze het. Ze was eindelijk na al die jaren thuis.

    Reply
  11. Koesteren

    ,,Denk je dat dit de goede plek is?’’ Ik knik. ,,Hij was hier altijd het gelukkigst.’’ Ze geeft een licht kneepje in mijn hand. Mijn zus is altijd de sterkere van ons tweeën geweest. Misschien komt het doordat ze de oudste is. In zekere zin heeft ze zich altijd verantwoordelijk gevoeld voor haar jongere, broze zusje. ,,Ze is zo gevoelig’’, zei onze moeder altijd. ,,Pas maar goed op haar.’’ Ze had gelijk. Ik kan nog steeds geen televisie kijken zonder te huilen. Er is teveel ellende in de wereld en in de natuurprogramma’s wordt er altijd wel een dier uiteengereten. Nee, geen televisie voor mij.
    Toen moeder op een dag plotseling overleed – na een val van haar fiets, over stompzinnige manieren om dood te gaan gesproken – was ik langer dan gemiddeld verdrietig. Ik zeg gemiddeld omdat ik op Wikipedia heb gelezen dat er zoiets bestaat als een gemiddelde rouwperiode. Een half jaar tot een jaar is normaal. Ik las ook dat Romeinen vroeger hun baard tijdens de rouwperiode lieten staan en dat dit in India nog steeds het geval is. Zelf bleef ik drie jaar ontroostbaar. De dagen kropen als schildpadjongen op een strand vooruit. Schurend. Moeizaam. Mijn familie maakte zich grote zorgen. Vanuit radeloosheid schreeuwden ze, smeekten ze en smoorden ze. Tot mijn zus op een dag met hem aan kwam zetten. Ietwat te grote oren en ronde, bruine ogen op een kleine parmantige kop. Mijn verdriet ging niet weg – ik geloof dat zoiets altijd in je binnenste blijft kleven -, maar geraakte langzaam op de achtergrond.

    ,,Ben je er klaar voor?’’ We staan op. Ik houd de urn stevig vast. We blijven even staan en kijken naar een jongen in een lichtgroen shirt, dat tot aan zijn knieën in de zee staat. Hij steekt zijn handen in het water. De haren op mijn arm gaan recht overeind staan. ,,Laten we ietsjes verder die kant uit lopen.’’

    We trekken onze schoenen en sokken uit. Lopen hand in hand de zee in. Ik til het deksel op. ,,Rust zacht lieve jongen. Je was de liefste en knapste hond van de hele wereld.’’ Ik keer de urn om. Er staat nauwelijks wind, de as valt recht de zee in.

    We blijven nog een tijdje op het strand zitten. Ik voel van alles, maar vooral dat ik niet alleen ben. En ik weet: leven is loslaten. Leven is koesteren.

    Reply
  12. Terug naar ……..

    ‘Zou jij terug willen naar toen?’ vraagt mijn zusje, die het weer eens niet laten kan om met haar Aagje neus in mijn persoonlijke spullen te struinen. Hoe flikt ze het toch altijd om van die vragen te stellen waar ik zo’n rare kriebel van in mijn buik krijg, maar niet zo snel mijn vinger op kan leggen? Ik kijk eens goed op welke foto ze nu eigenlijk doelt en voel direct dat misselijke gevoel weer optrekken. Wel weer typisch mijn zusje en ik, hier waren we 17 en 22 want het was vlak na haar Havo examen dat we die trip met onze ouders maakten. Mijn hemel, 29 jaar terug alweer, waar blijft de tijd?

    Ik voel me meteen weer als destijds bij het zien van deze foto. Wij samen, of het nu in de kroeg of aan het strand was, wij waren de denkers, beter gezegd, de piekeraars. Wij blonken niet uit in het leven echt leven, wij observeerden hoe anderen op de dansvloer uit hun dak gingen of aan het sletteren waren. Zo noemden wij het althans dat scoren voor een avondje om je ego een beetje op te vijzelen om er vervolgens een nog groter minderwaardigheidscomplex aan over te houden omdat het lekkere ding in kwestie, die zonder het nuttigen van ‘Pisang Ambon-jus’ toch niet zo knap bleek te zijn nadien niet eens meer iets van zich liet horen. Wij hadden daar uiteraard een oordeel over, terwijl we gelijktijdig jaloers waren omdat we zelf niet wat losser waren. Voor ons moest alles betekenis hebben, zo ook of juist de fysieke activiteiten waar onze leeftijdsgenoten zoveel plezier aan beleefden met de andere sekse.

    ‘Ik wel hoor! En dan had ik alles anders gedaan met de wetenschap van nu zodat ik niet mijn hele leven aan dezelfde man was blijven plakken en in zo’n burgerlijk gezinnetje was beland met als hoogtepunt van de week mijn coca cola light-break momentje in de sportschool’, zegt ze nog voor ik mijn antwoord klaar heb. Waarop ik mezelf hoor stamelen ‘Nee, ik zou niets anders doen.’
    Terwijl ik haar door elkaar zou willen rammelen en zou willen toeschreeuwen hoe Pisang Ambon groen ik op haar burgerlijke gezinnetje met diezelfde man ben.

    Het was tijdens die vakantie dat ik besloot zijn kind te laten aborteren omwille van haar geluk en daarna nooit meer moeder heb mogen worden.

    Reply

Leave a Reply to Tom Verhaegen Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *