Personages introduceren: drie dingen waar je op moet letten

Personages introduceren: drie dingen waar je op moet letten

Wanneer je lezers niet goed in de gaten hebben wie wie is, raken ze afgeleid van je verhaal. Misschien heb je het zelf ook wel eens meegemaakt tijdens het lezen: ‘Wacht, wie is dit ook alweer? Konden we hem nou wel of niet vertrouwen?’

Door je personages goed te introduceren, wordt de wereld van je verhaal levendiger. De groep personages is namelijk een van de belangrijkste onderdelen van je verhaal. Aan alleen een hoofdpersoon heb je (meestal) niet genoeg. De andere personages brengen verwachtingen, relaties en conflicten met zich mee die het avontuur van je held spannender maken.

Je moet er dus niet alleen voor zorgen dat je lezer meeleeft met je hoofdpersonage, maar dat ze ook de andere mensen (of wezens) in je verhaalwereld leren kennen en begrijpen. Eerste indrukken zijn belangrijk, ook voor verzonnen personages.

Hier zijn een paar tips om dat voor elkaar te krijgen:

 

Stap 0: Zorg voor een sterke cast

 

Voordat je de personages introduceert, moet jij ze zelf kennen. Hoe weet je anders wie belangrijk is en wanneer je hoofdpersoon met ze te maken krijgt?

In dit artikel help ik je uit te vogelen hoeveel en wat voor personages je nodig hebt voor je huidige verhaal.

Niet ieder personage hoeft even goed uitgewerkt te zijn. Zorg er wel voor dat je veel details weet over de belangrijkste personages. Die kennis helpt je bij het schrijven, ook al stop je niet alle feitjes in je tekst.

Als je een personage beter wilt leren kennen, kun je dat doen door middel van een interview.

Wanneer je jouw groep personages hebt ontworpen, is het tijd om ze tot leven te brengen in je tekst!

 

Stap 1: Kies het juiste moment

 

Wanneer moet je een personage introduceren? Ik raad je aan om alle belangrijke personages in het eerste kwart van je verhaal te introduceren en zo veel mogelijk één voor één.

Als je iedereen tegelijk voorstelt, raakt je lezer de weg kwijt. Je dumpt dan teveel informatie in één keer.

Als je te lang wacht, denkt je lezer dat dit personage nooit belangrijk kan zijn – en komt het ongeloofwaardig over als dit personage veel invloed blijkt te hebben op het verhaal. ‘Dat is wel heel toevallig, dat hij dan opduikt!’

Richt je dus op het eerste deel van je verhaal. Werkt dat niet met de gebeurtenissen en settings van je verhaal, bijvoorbeeld omdat je hoofdpersoon pas veel later op een bepaalde plek komt? Kijk dan of je iets kunt verplaatsen, daar kan je hele boek van opknappen. Maar onthoud ook dat dit een richtlijn is, en geen absolute natuurwet!

 

Stap 2: Laat ze handelen

 

Je weet dat je een goed moment hebt gekozen om een personage te introduceren, wanneer hij/zij op dat punt iets doet of zegt dat invloed heeft op je hoofdpersonage. Dit kan zowel iets positiefs als iets negatiefs zijn!

Denk aan ‘show, don’t tell’: vertel niet alleen wie een personage is en hoe hij/zij doet, maar laat het ons zien. Je kunt best in hoofdstuk 1 vertellen dat iemand een slechterik is, maar het is veel boeiender om in hoofdstuk 2 te lezen dat hij je hoofdpersonage onder schot houdt.

 

Stap 3: Toon hun verschillen

 

Waarin verschilt dit personage van alle andere? Hier komt je achtergrondkennis van je personages goed van pas!

Denk na over hun uiterlijk en lichaamstaal, hun normen en waarden, hun meningen en hoe ze praten. Kies een of twee dingen die er echt uitspringen voor dit personage.

Door ze duidelijke verschillen te geven, zijn ze makkelijker te onthouden voor je lezer. Maar vergeet niet dat er ook overeenkomsten met je hoofdpersonage zullen zijn, zeker voor de personages met wie hij/zij een goede band heeft. Wanneer iedereen extreem van elkaar verschilt, is het ongeloofwaardig dat ze tijd met elkaar door willen brengen.

 

Kortom:

 

Wanneer je een nieuw personage introduceert, kun je aan de volgende vragen denken:

  • Wie is dit personage? Heeft hij/zij een positieve of negatieve invloed op mijn hoofdpersonage?
  • Wat doet dit personage? Waarom nu?
  • Wat vindt mijn hoofdpersoon daarvan?

En vergeet niet dat het niet in één keer perfect hoeft. De meeste verhalen veranderen tijdens het schrijven. Sommige personages worden ineens veel belangrijker, anderen minder. Dat is prima! Je kunt altijd teruggaan en hun introductie herschrijven.

Wil je meer weten over het schrijven van boeiende personages? Kijk dan eens naar de cursus Korte verhalen schrijven of boek een (gratis) coachsessie. Ik help je graag!

Wie zijn jouw favoriete (zelfverzonnen) personages en waarom? Laat een reactie achter!

Vond je dit artikel inspirerend? Dan help je mij en andere schrijvers door het te delen op je social media.

6 Comments

  1. Leuk artikel! Ik ga er zeker iets mee doen :)

    Reply
  2. Leuk artikel. Ik heb net mijn 4e roman afgerond en ook daar worstelde ik weer met het introductiemoment van de hoofdpersoon. Er wordt door kenners vaak gesteld dat een boek moet beginnen met de introductie van de hoofdpersoon, maar ik denk dat dat niet hoeft. Ik heb gekozen om iets spannends te laten gebeuren wat veel vragen oproept. helemaal los van de hoofdpersoon.

    Reply
    • Dankje, Jacques! En ik ben benieuwd hoe je spannende opening in verband staat met je hoofdpersoon, later in het verhaal :)

      Reply
  3. Mijn favoriete zelfverzonnen karakter is peter de gehandicapte ooievaar.. :D

    Reply

Leave a Reply to Kelly Meulenberg Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *